Basiskennis dossier brandpreventie

Samengesteld door: Kim Wolters, Henny Brullemans


Definitie

Brandpreventie is de benaming voor elk systeem en elke activiteit om branden te vermijden en branden in te perken. Het beperken van de omvang van de brand is een uitbreiding van het begrip brandpreventie. Brandpreventie omvat o.m. materiaalkeuze (constructies, bouwmaterialen, wanden, vloerbedekking), brandcompartimenten, branddeuren, branddetectie etc. Brandpreventie is een vorm van risicobeheersing. Risicobeheersing houdt in dat het bedrijfsresultaat of de bedrijfsprocessen kunnen worden beïnvloed door factoren van buitenaf, maar ook van binnenuit. Hiervoor kunnen maatregelen getroffen worden. Denk hierbij aan bijvoorbeeld het opstellen van een RI&E.

Facilitair

Er bestaat geen enkele organisatie zonder risico’s. Het beheersen van risico’s binnen een organisatie is van belang. Het risico van brand is iets waar een organisatie op bedacht moet zijn. Want wat zijn de gevolgen bij het uitbreken van een brand? Hoe reageert de organisatie en welke handelingen moeten er worden uitgevoerd? Een aantal aspecten waarop een facilitair manager bedacht moet zijn.

Brandpreventie op de werkvloer

Iedere werknemer heeft het recht om zich veilig te mogen voelen op zijn of haar werkplek. De werkgever is verantwoordelijk voor deze veiligheid en dient maatregelen te nemen om dit te borgen. Derhalve maakt brandpreventie deel uit van dit facilitaire proces. Ook de bezoeker/ gast valt onder verantwoordelijkheid van de hoofdgebruiker/eigenaar/werkgever van het gebouw. De bezoeker bij ontvangst voorlichten hoe de procedure is binnen het bedrijf is geen overbodige luxe.

Aandachtspunten

Wanneer de brandpreventie wordt gecoördineerd, moet men rekening houden met verschillende zaken. Wat is bijvoorbeeld wettelijk verplicht binnen het organiseren hiervan? Zo staat in de Arbowet dat er binnen elk bedrijf minimaal 1 bedrijfshulpverlener moet zijn. Zo zijn er verschillende vraagstukken waarmee een organisatie rekening mee moet houden. Het is daarom raadzaam specialistische hulp in te roepen, zodat de organisatie er zeker van is dat alles goed wordt geregeld. Andere vraagstukken kunnen zijn:

  •  Wat is de grootte van het gebouw? 
  •  Wat is de ernst van de in kaart gebrachte risico’s en/of restrisico’s? 
  •  Wat zijn de risico’s uit de omgeving? 
  •  Hoeveel medewerkers plus bezoekers zijn er aanwezig? 
  •  Hoeveel mensen zijn er aanwezig wie niet-zelfredzaam zijn? 
  •  Wat is de opkomsttijd van hulpdiensten?

Al deze risico’s worden ook benoemd in het opstellen van een RI&E, het up to date houden hiervan is vaak een facilitaire taak. Wanneer er BHV’ers worden aangesteld en worden opgeleid binnen de organisatie, is het noodzakelijk dat zij jaarlijks een opfriscursus krijgen of dat er genoeg geoefend wordt. Verdere informatie over de bedrijfshulpverlening is terug te vinden in ons dossier: bedrijfshulpverlening.

Middelen/materialen

Bij het coördineren van de brandpreventie zal blijken dat er veel middelen nodig zijn bij het organiseren hiervan. Er zijn verschillende brandblusmiddelen waar men gebruik van kan maken.

Brandblusmiddelen:

  • Blusdeken; 
  • Brandblusser in poedervorm;  
  • Brandblusser in schuimvorm;  
  • Brandblusser met koolzuursneeuw;  
  • Brandmelders;
  • Brandhaspels/slangen.

Ook zijn er gebouwtechnisch een aantal aspecten waar een organisatie aan kan/moet voldoen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan:

  • Brandwerende deuren;
  • Brandalarm;
  • Brandmeldinstallatie;
  • Rookmelders;
  • Handmelders;
  • Sprinklerinstallaties;
  • Brandcompartimenten.

Risico’s

Bepaalde huishoudelijke apparaten zijn erg risicovol qua brandgevaar. Een wasmachine en wasdroger gebruiken erg veel stroom en hebben daardoor een vergrootte kans op het veroorzaken van een brand. Maar ook het hebben van beeldschermen en computers kan zorgen voor een extra brandrisico. Door bijvoorbeeld stof en vettigheid kan er warmteontwikkeling ontstaan en zo is er een grotere kans op brand.

Bij het borgen van veiligheid komen verschillende aspecten kijken. Bouwkundige, installatietechnische maar ook organisatorische factoren spelen hierbij een belangrijke rol. Een goede brandbeveiliging begint bij een aantal aandachtspunten: 

  •  Krijg inzicht in de risico’s; 
  •  Zorg voor genoeg brandoefeningen; 
  •  Zorg voor genoeg brand/handmelders; 
  •  Goede noodverlichting; 
  •  Zorg dat er geen paniek ontstaat tijdens een calamiteit.

RI&E

Bij het organiseren van brandpreventie komt de RI&E kijken, de risico-inventarisatie en evaluatie. Hieronder een kleine uitleg over de aanpak van het opstellen daarvan.

Inventarisatie
Veel organisatie beschikken over een standaard document waar al de ruimtes zijn onderverdeeld. Binnen de ruimtes wordt gekeken naar o.a. gereedschap, meubels, interieur, breuk en/of schade. De inventarisatie kan gedaan worden door de preventiemedewerker of door de medewerkers die in de ruimte werken. Het voordeel van een standaardlijst is dat de facilitair manager/interne dienst kan zien welke schades er zijn die naast de risico’s ook verholpen moeten worden.

Evaluatie
Maak een ranglijst met betrekking tot de risico’s en een onderhoudslijst met kleine klussen. Deze ranglijst kan je maken door alle risico’s op volgorde te zetten of een rangschikking te maken doormiddel van kleur in het RI&E bestand. Tijdens het rangschikken zijn de volgende vragen van belang: 

  • Hoe groot is het risico?
  • Hoeveel medewerkers lopen gevaar? 
  • Wat kunnen de gevolgen dan de risico of het gevaar zijn? 
  • Kan het risicoschade veroorzaken aan medewerkers, apparaten en/of productie? 
  • Wat zien de medewerkers graag aangepakt?

Plan van Aanpak (PvA)
Vanuit de inventarisatie en evaluatie komt een to Do list tevoorschijn. Nu gaan we kijken hoe we de gevaren en risico’s het beste kunnen aanpakken. 

  • Wat hebben we er voor nodig? 
  • Wie gaat het doen en wanneer moet het klaar zijn? 
  • Wat gaat het kosten? 
  • Wanneer is het risico voldoende verminderd? 
  • Wanneer moet het risico weg zijn of verminderd zijn? Dit is van belang i.v.m. controle vanuit de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW)

Toetsing
De wet verplicht alle werkgevers met 26 of meer medewerkers de RI&E te laten toetsen wordt door een gecertificeerde arbodienst of deskundige. Deze komt tijdens een bedrijfsbezoek kijken of de RI&E een reëel beeld geeft van de situatie binnen de organisatie.  Tevens is de werkgever verplicht De RI&E voor de leggen aan de Ondernemingsraad (OR) en/of personeelsvertegenwoordiger (PVT), beide partijen moeten akkoord geven op het plan van aanpak. 

Sancties en boetes
Komt de inspectie van SZW op bezoek voor een controle zal deze vragen of de RI&E ingezien mag worden. Wanneer deze niet voorgelegd kan worden zal er een boete opgelegd worden. Is hij wel aanwezig maar niet volledig zal een waarschuwing gegeven worden en een afspraak gemaakt worden dat de RI&E drie maanden na dagtekening in orde is. De hoogte van de boete is afhankelijk van de aantal medewerkers die werkzaam zijn binnen een organisatie. 

Wet- en regelgeving

Er zijn vier wetten die van grote invloed zijn op de brandveiligheid.

1. De Brandweerwet
2. De Woningwet
3. De Wet milieubeheer
4. De Arbeidsomstandighedenwet

De regels voor brandveiligheid van gebouwen staan in het Bouwbesluit 2012.  In het Bouwbesluit 2012 staat ook weergegeven de verplichte inspecties.