Basiskennis dossier plaagdiermanagement

Samengesteld door: Kim Wolters, Henny Brullemans


Definitie

Er is geen biologische definitie van een plaagdier. Wat wel of geen plaagdier is, hangt af van de definitie die mensen eraan geven. Een plaagdier is een dier dat zich ongebreideld vermenigvuldigd, en daarmee tot een plaag uitgroeit. Het is zelfs mogelijk dat een dier in de ene omgeving als plaagdier gezien wordt, terwijl het in een andere omgeving als nuttig wordt beschouwd. Als het dier dan ook nog een bedreiging van de volksgezondheid betreft, dan is het én een plaagdier, én ongedierte.

Facilitair

Welke situatie vergroot het risico’s op plaagdieren? Hoe kan er het beste preventief opgetreden worden tegen deze risico’s en welke nazorg moet er geleverd worden? Allemaal onderwerpen waar plaagdiermanagement zich mee bezighoudt. Het is de taak van het facilitair management om zowel preventief als adhoc op te treden tegen plaagdieren. Plaagdieren kunnen namelijk naast overlast ook voor ziektes zorgen, zo kan de zwarte rat een bacterie overbrengen die kan leiden tot ernstig nierfalen. Het is aan het facilitair management om zorg te dragen dat alle medewerkers veilig en gezond de doelen van de organisatie kunnen na streven.

Soorten plaagdieren / ongedierte

Bedwantsen, bijen, hommels, blauwe boktor, huisboktor, bruine rat, diefkever, messingkever, broodkever, tabakskever, getande graankever, gewone houtwormkever, duizendpoot, eikenprocessierups, fruitvliegjes, hooiwagens, Zwarte rat, Zilvervisje, zachte houtwarm, wormen, wespen, vlooien, Voorraad aantastende motten, textiel aantastende motten, vlinders, veldmuis, spitsmuis, bosmuis, huismuis, steenmarter, sprinkhaan, springstaart, Spinthoutkever, spinnen, spekkever, rijstmeelkever, museum- & tapijtkever, pelskever, prachtkever, sparrenreuzenmier, slakken, rupsen, pissebedden, oorworm, motmuggen, muggen, mollen, mijten, mieren, meeuwen, duiven, meeltor, luizen, lieveheersbeestjes, konijnen, klustervliegen, vliegen, kamervlieg, kakkerlakken, huiskrekel.

De mens geeft het ongedierte de ideale leefomstandigheden, wij zorgen voor eten, water en onderdak. Wij voorzien in de primaire levensbehoefte zodat zij zich razendsnel kunnen voortplanten. 

Intergrated Pest Management (IPM)

IPM wordt toegepast om ongedierte te beheersen. Er wordt onderscheid gemaakt in vijf stappen:

1.   Risicoanalyse
Doe binnen de volledige organisatie een risicoanalyse op het gebied van plaagdieren.

Welke risico’s kunnen zich voor doen?

  • Openstaande deuren;
  • Voedsel;
  • Gaten en verzakkingen in vloeren en muren;
  • Opgestapelde hout en papier producten;

Kijk bij iedere risico naar de volgende vragen:

  • Hoe ernstig zijn deze risico’s?
  • In welke ruimte speelt zich dit af?
  • Is het medewerker gebonden?

Wanneer al deze factoren bekend zijn zal er een risico- analyse geschreven worden die gebruikt wordt bij het preventief handelen tegen de risico’s.

2.   Aanpak
Het begint met het in kaart brengen van risico’s, symptomen en gevolgen van ongedierte. Vervolgens wordt er gekeken hoe symptomen vroegtijdig zijn de signaleren en wat de best passende oplossing hiervoor is. Hierdoor worden de risico’s geminimaliseerd.

De eerste twee stappen zijn voor het opstarten van IPM, de laatste drie stappen zijn voor het constant proces om plaagdieren te beheersen.

3.   Monitoren
Geef iemand binnen de organisatie de verantwoordelijkheid over het ongedierte beleid binnen de organisatie. Het is van belang dat deze de risicogebieden van het bedrijf vanuit de risicoanalyse weet zodat dreigingen snel gesignaleerd kunnen worden.

Door de risico’s op tijd inzichtelijk te maken kan de oorzaak en het gevolg snel op te lossen zijn.

4.   Rapportage
Maak inzichtelijk welke stappen er tegen ongedierte genomen worden. Zo worden de gemaakte stappen meetbaar en te volgen door andere medewerkers wat helpt bij de bewustwording voor het risico’s. Welke risico’s worden goed beheerst en welke moeten meer aandacht krijgen of is de verkeerde aanpak op toegepast?

5.   Verbetering
Verbeteringen concreet maken en doorvoeren, bijvoorbeeld:

  • Opruimen
    Schoonmaken en opruimen is een belangrijk kenmerk van preventief optreden tegen ongedierte. Door dit regelmatig te doen krijgen ongedierte geen kans om te settelen en wanneer ze aanwezig zijn worden ze gesignaleerd en kan er direct actie ondernomen worden.

  • Bewustwording
    Zorgen dat medewerkers weten wat het belang is van de juiste preventieve handelingen tegen ongedierte. Waarom is het zo belangrijk, wat kunnen de oorzaken zijn, wat kunnen de gevolgen zijn, wat zijn de symptomen en bij wie moeten de meldingen gedaan worden?

Voordelen IPM

  • Er kan veel schade bespaard worden bij het preventief optreden tegen ongedierte/een plaag;
  • Gezonder werken voor de bestrijder (als er geen ongedierte meer zijn);
  • Geen hoge kosten door imago schade;
  • Er hoeven geen dieren te worden gedood;
  • Minder kans op gezondheidsproblemen.

Nadelen IPM

  • Bij het preventief handelen tegen het ene diersoort kan de ideale leefomstandigheden voor andere soorten ontstaan. 
  • Arbeidsomstandigheden en scholing. Het keurmerk wordt afgegeven wanneer een organisatie zich aan de wettelijke voorschriften houdt en verantwoordelijk werkt.

Ongediertebestrijding in stappen

Het beroep ongediertebestrijder
In Nederland dient een ongediertebestrijder te beschikken over een vakbekwaamheidsdiploma om zijn werk uit te mogen voeren. Als ongediertebestrijder kan je verschillende opleidingen volgen, per ongedierte geldt er een andere bestrijdingsvorm. Een goed opgeleiden ongediertebestrijder heeft kennis van zaken en kan zonder problemen opsporen waar de beestjes zitten en welke bestrijdingsvorm het beste is over ongedierte en omgeving. Denk bijvoorbeeld aan mieren in een kinderdagverblijf, door de omgeving wordt gif strooien onmogelijk. Voor ongediertebestrijders bestaat het keurmerk Plaagdiermanagement, dit keurmerk doet audits op gebied van transport, opslag.

Materialen en middelen
Val, kooi, gif, lok bak, lokaas, kit, cement, ventilatierooster, vangnet, vangstok, handschoenen, veiligheidskleding, handgereedschap.

Stappenplan

1.   Kennis: Beschik over de kennis van ongedierte en hun leefomstandigheden;

2.   Determinatie: Achterhaal welke diersoort de overlast veroorzaakt;

3.   Inventarisatie: Waar houdt dit dier zich schuil?

4.   Bouwkundig: In welke status is het pand en omgeving? Hoe is het gesteld met de hygiëne?

5.   Advisering: Hoe kan het ongedierte probleem het beste en veilig aangepakt worden?

6.   Planning: Stel een bestrijdingsplan met tijdsbestek op;

7.   Overleg: Neem de planning door met de opdrachtgever, zodat er duidelijkheid is over wat van wie verwacht wordt;

8.   Personeel & materiaal: hoeveel medewerkers en welke materialen zijn er nodig om de klus uit te voeren?

9.   Uitvoeren: De bestrijding uitvoeren;

10. Controle: Doe na een loop van tijd een na controle, aan de hand van de uitkomst van deze controle zullen er misschien stappen ondernomen moeten worden voor een nabehandeling.

Wet- en regelgeving

Beschermde soorten worden per 1 januari 2017 weergegeven in de Wet Natuurbescherming (voorheen de Flora- en faunawet). Sommige muizen zijn in bepaalde provincies van Nederland beschermd. Naast bestrijden mag je het bestaan van het diersoort niet moeilijker maken. Per 1 juli 2014 mogen er buiten geen giftig lokaas gebruikt worden mits de eigenaar een licentie heeft. 

In de volgende wetten wordt er gesproken over ongedierte, preventie, inventariseren, bestrijden en/of de nazorg:

  • Wet Natuurbescherming;
  • Arbowet;
  • Warenwet;
  • Wet Milieubeheer;
  • Wet milieugevaarlijke stoffen;
  • Wet gewasbescherming en Biociden;
  • Wet vervoer Gevaarlijke Stoffen;
  • Woningwet;

Aanverwante dossiers

Terreinbeheer, Gevel, Gezonde werkplek, Hygiëne, Afvalbeheer, Risicobeheersing, Veilige werkplek.